Blog

Waarom klimaatbestendigheid meeweegt in de ontwikkelrichting van je Sportpark

Door Natasja Heijink

Klimaatbestendig sportpark: links regen op een nat veld, rechts zon, met de aanleg van waterberging onder het veld

Kunstgras of natuurgras is een technische keuze. Wat een veld moet kunnen verdragen na drie weken droogte, of na vijftig millimeter regen in een uur, is dat niet. Dat is een vraag over de ontwikkelrichting van een sportpark, en die hoort beantwoord te zijn voordat de technische keuze op tafel komt.

Waarom klimaat inmiddels een ontwikkelvraag is

De gevolgen van klimaatverandering zijn in Nederland al meetbaar. De hittegolf van 2019 leidde tot ongeveer 400 extra sterfgevallen, en de wateroverlast in Limburg in 2021 veroorzaakte meer dan 430 miljoen euro schade (PBL, 2024). Dat zijn landelijke cijfers over de hele leefomgeving, maar de sportsector merkt dezelfde patronen op veldniveau: afgelastingen door ondergelopen of juist verdorde velden, en hitte die buiten sporten tijdelijk onmogelijk maakt (Duurzame Sportsector, 2022). Drainage, grondwaterstanden en het ontwerp van een waterbergingsvoorziening zijn specialistenwerk, maar de keuze die daaraan voorafgaat is bestuurlijk: wat moet deze locatie over twintig tot dertig jaar nog kunnen dragen, en welke risico's accepteer je?

De Neul: de volgorde die wel klopte

Sportpark De Neul in Sint-Oedenrode, gemeente Meierijstad, kampte jarenlang met drassige velden. Het park ligt naast de Dommel, waardoor de grondwaterstand hoog is, terwijl er in droge zomers juist water tekort was. Verplaatsen bleek financieel niet haalbaar, dus koos de gemeente voor renovatie op de bestaande plek (Kennisportaal Klimaatadaptatie, 2018).

Wat het voorbeeld interessant maakt, is de werkvorm. Gemeente Meierijstad, voetbalvereniging RKSV Rhode, waterschap De Dommel, een ingenieursbureau en de aannemer vormden samen een bouwteam, waarin de opgave gezamenlijk werd uitgewerkt in plaats van in losse opdrachten doorgegeven. Het resultaat is een park met drie kunstgras- en drie natuurgrasvelden, met onder de kunstgrasvelden een waterberging van ongeveer 2.600 kubieke meter. Dat water wordt via peilgestuurde drainage opgevangen en in droge perioden gebruikt om de natuurgrasvelden te irrigeren (Kennisportaal Klimaatadaptatie, 2018).

De les zit niet in de techniek. Die is per locatie anders en op de meeste sportparken niet in deze vorm nodig. De les zit in het moment waarop de partijen aan tafel kwamen: voordat het ontwerp vastlag, niet erna.

Waarom klimaat toch achteraan in de rij belandt

Een investeringsbeslissing over een sportpark gaat vanzelf over gebruik, bezetting en exploitatie. Dat zijn de vraagstukken waar iemand vandaag last van heeft: een vereniging die geen trainingsuren meer krijgt, een tekort op de begroting, een kleedkamer die niet voldoet. Klimaatbestendigheid heeft geen vergelijkbare stem in de kamer. Er is geen partij die er deze maand last van heeft, terwijl de gevolgen wel dertig jaar meegaan.

Waar wij op letten

Wij komen op sportparken waar klimaat pas ter sprake komt als de ontwikkelrichting al is vastgesteld, en waar het daardoor verschuift naar een duurzaamheidsparagraaf achterin het plan. Dat is zelden iemands fout. Klimaatadaptatie heeft binnen een gemeente vaak een eigen afdeling, een eigen budget en een eigen programma, en sport valt daar organisatorisch buiten; wie het sportpark voorbereidt, heeft die collega's simpelweg niet standaard aan tafel.

Wij zetten de vraag daarom bij de start op tafel, naast gebruik, bezetting en exploitatie: wat moet deze locatie kunnen opvangen, en welke keuzes worden onomkeerbaar zodra de schop de grond in gaat. Dat levert nog geen technische oplossing op, maar wel een uitvraag waarin de juiste vragen staan.

Voor een gemeente die een verouderd sportpark tegen het licht houdt, is de vraag niet alleen of het gebruik de investering rechtvaardigt, maar ook of de keuze standhoudt bij het weer van over tien jaar. Staat er een besluit op de rol, en wil je de klimaatvraag daarin meenemen? Wij van Sportgrond zetten die vraag bij de start op tafel, want na de tekentafel is er weinig meer aan te doen.

Waarom losse cijfers tot verkeerde investeringsbeslissingen leiden

Lees meer over onze aanpak

Neem contact op